U bent hier

Terugblik NHG-Congres 2013 Help een spoedgeval!

25 november, 2013

Afgelopen vrijdag bezochten een recordaantal van 2533 congresgangers het NHG-Congres Help een spoedgeval! Een verslag van de dag.

Preconference: Theatergroep Plezant speelt Oog in Oog

Op de donderdag voorafgaand aan het congres bezoeken zo’n zeshonderd congresgangers deze theatervoorstelling. Huisarts Arthur heeft een fout gemaakt en de echtgenote van de overleden patiënt neemt hem dat buitengewoon kwalijk. Terwijl hij wacht op de tuchtzaak volgen we hem bij alle emoties die hij doormaakt. Angst, woede en frustratie wisselen elkaar af. Bovenal zijn gevoel van eenzaamheid is aangrijpend. En hoe kon het toch gebeuren dat alle collega’s hem in de steek laten en zorgvuldig zwijgen over hun eigen aandeel in de zaak? Veel bezoekers praten nog lang na over de voorstelling, waarin zoveel herkenbare zorgen en angsten voorbijkwamen. ‘Schuldig of niet schuldig, that’s the question!’

Opening van het congres

NHG-bestuursvoorzitter Rob Dijkstra heet de 2533 aanwezigen (een record!) welkom waarna een tweetal prijzen wordt uitgereikt.

Casuïstiekprijs: deze wordt jaarlijks toegekend voor de beste klinische les in H&W. Dit jaar is de winnaar Rob van Kimmenade. De jury vond zijn artikel Een eenzijdig vergrote tonsil het best omdat dit echt vanuit de huisarts is geschreven. Helaas is Van Kimmenade de dag tevoren gevallen bij het schaatsen en daarbij ‘acuut geblesseerd’ geraakt; hij kan de prijs dus niet zelf in ontvangst nemen.

Heert Dokterprijs: deze wordt jaarlijks uitgereikt voor het beste onderzoeksartikel in H&W. Dit jaar is de winnaar Ferdinand Schreuder . De jury vond zijn artikel Vitamine D bij pijn van het bewegingsapparaat het best, want: ‘een mooi klein onderzoek en de resultaten zijn direct toepasbaar in de huisartsenpraktijk.’ Vervolgens gaat Rob Dijkstra in op het nieuwe NHG-Standpunt over de huisartsgeneeskundige spoedzorg en houdt hij een pleidooi voor de uitbreiding van de diagnostische mogelijkheden in de huisartsenpost, waarbij hij de röntgenfoto bij enkelblessures als voorbeeld neemt. ‘Als wij röntgenonderzoek in eigen beheer kunnen uitvoeren is alleen op enkelblessures al meer dan een miljoen euro per jaar te besparen.’ Tot slot attendeert Dijkstra de aanwezigen erop dat binnenkort de Kaderopleiding Spoedzorg van start gaat. Congresvoorzitter Yvonne Guldemond opent hierna het wetenschappelijk deel van het programma met een korte toelichting op een aantal programmaonderdelen. ‘Het ABCDE vormt de basis voor het leren denken in toestandsbeelden in plaats van diagnoses. Dit is nodig voor een uniforme aanpak binnen de spoedzorg. Het NTS is daarbij essentieel in de triage.’

Openingslezingen

Veiligheid in de gezondheidszorg – het belang van onderzoek naar incidenten en ongevallen Mr. Tjibbe Joustra, voorzitter van de Onderzoeksraad voor Veiligheid, kan veel vertellen over maatregelen om de veiligheid in de luchtvaart te bevorderen. Bij heel veel rampen blijkt miscommunicatie de oorzaak. ‘Misschien kwam het onlangs in Tuitjenhorn ook wel door de onderlinge communicatie dat de situatie zo uit de hand kon lopen.’ Joustra benadrukt dan ook het belang van een goede, open benadering van elkaar, en een sfeer waarin je elkaar kunt aanspreken op fouten of gedrag. Maar: ‘De Onderzoeksraad is niet op zoek naar schuldigen, maar naar manieren om te kijken hoe het beter kan.’ Certificering biedt onvoldoende garanties voor veiligheid. Het melden van incidenten blijft de meeste mogelijkheden tot verbetering bieden.

Huisarts en spoed, dat doen we goed! Dr. Paul Giesen, projectleider Spoedzorgonderzoek UMC St Radboud, stelt dat in Nederland de spoedzorg uitstekend is georganiseerd. Maar de rol van de huisarts in de triage is nog niet helemaal uitgekristalliseerd. Interessant is dat er grote verschillen zijn in de spoedzorgconsumptie in diverse landen. ‘De bereikbaarheid en beschikbaarheid van de eigen praktijk doet de zorgconsumptie op de huisartsenpost afnemen!’ Overigens is er nu een lichte daling te zien in de spoedzorgconsumptie, nadat deze eerst sterk was toegenomen na het oprichten van de huisartsenposten. Toch is slechts 10% van de spoedhulpvragen echt onnodig; 70% is noodzakelijk en 20% is ‘invoelbaar’. Zorgpuntje is dat de triage in de dagpraktijk van matige kwaliteit is. De praktijkassistente heeft moeite met het herkennen van hoge urgentie en de benodigde hulpinzet. Bij 55% van de praktijken checkt de huisarts niet de door haar gegeven adviezen. Dit terwijl is aangetoond dat dit de kwaliteit daarvan doet toenemen. ‘Nu er minder ambulancemeldkamers komen en minder SEH’s, wordt het de vraag of wij geen “huisartsen-plus-spoedzorg” moeten gaan leveren. De taakverdeling in de spoedzorg is volgens Giesen de komende uitdaging.

Een rondje langs de workshops

Bij een congres met zo’n ‘spannend’ thema is het niet verbazingwekkend dat de workshops een uiterst levendig beeld bieden. Natuurlijk kun je je kennis verdiepen – en dat is nuttig. Maar op veel plekken kun je lekker zelf aan de slag – en dat is nuttig én leuk! In de ‘vaardighedencarrousels’ kunnen de aanwezigen oefenen in bijvoorbeeld het hechten van wonden (op echte varkenspootjes), het verwijderen van een corpus alienum uit (varkens)ogen, het inbrengen van een blaascatheter of een intraveneuze canule, maar ook in veiligheidstechnieken en nog veel meer! Er zijn simulatiepatiënten op vele plekken, bijvoorbeeld bij de scenariotrainingen. Het blijft lastig om het diagnosedenken los te laten in spoedeisende situaties. ‘Op weg naar een spoedgeval denk ik al: het zal wel dit of dat zijn, en als ik dan ter plaatse kom richt ik me daar ook meteen op’, zegt een van de deelnemers. Maar natuurlijk zijn er ook voordelen, aldus een workshopleider: ‘De meerdere kennis van een arts heeft als nadeel dat er meteen een diagnose naar boven komt. Maar als je het ABCDE hebt doorlopen heeft het wel degelijk zin dat je met je diagnostische kennis gericht kunt verwijzen en dus tijd bespaart die anders op de SEH in de diagnostiek zou gaan zitten.’

Er is ook aandacht voor het wel of niet reanimeren, bijvoorbeeld in de workshop ABCDE… RIP. Gun de patiënt zijn einde. Er zijn op dit gebied nieuwe richtlijnen, dus nog lang niet iedereen beschikt over de actuele kennis. En ook zijn er nog hobbels op de weg, want je kunt als huisarts wel keurig met je patiënt hebben afgesproken dat deze niet wil worden gereanimeerd of ingestuurd, zodra er een ambulance ter plaatse is gebeurt dat toch. Wat te doen? ‘Laat de patiënt zijn wensen op papier vastleggen en vermeld het in je HIS op een prominente plaats.’ Gestreefd wordt naar een speciale penning waarmee de wensen van de patiënt duidelijk zijn. En de regelgeving voor ambulancepersoneel om altijd te reanimeren gaan veranderen. ‘De LESA Reanimatie bij ouderen is echt verplichte kost voor elke huisarts’, stelt de workshopleiding. Wie zich meer wil verdiepen kan de multidisciplinaire richtlijn en de KNMG-folders doornemen. ‘En verwijs vooral je patiënt naar Thuisarts.nl, daarop staat supergoede, heldere informatie!’ Als ‘handvatten’ krijgen de deelnemers nog enkele tips mee: - Ga op tijd het gesprek met je patiënt aan - Leg de afspraken goed vast - Informeer de zorgketen - Kom uit je behandelingsreflex - Prik een datum om dit daadwerkelijk op te pakken!

Natuurlijk is ook het HoutenBeenTheater weer present, ditmaal met De leesrepetitie. De gescripte werkelijkheid van spoedsituaties en angst. De deelnemers krijgen inderdaad een leesrepetitie: zij spelen zelf de rollen van artsen op de huisartsenpost en de (familie van) patiënten. Als tante Dien 80 jaar wordt, is er natuurlijk een feestje. Maar tante Dien wordt onwel en de familie belt de huisartsenpost. De huisarts die op weg gaat is als de dood: ‘Je weet niet waar je je in begeeft!’ De ‘zorgketen’ loopt niet al te gesmeerd, dus eindigt deze bijeenkomst met een discussie over ‘war stories’. Een deelnemer weet dat goed te treffen: ‘Het komt er altijd op neer dat een andere arts het niet goed heeft gedaan en dat jij dat hebt opgelost. Dat doen we allemaal, ook onderling.’ Oftewel: ‘De laatste dokter is altijd de beste.’ Natuurlijk zijn er mogelijkheden om de onderlinge verstandhouding te verbeteren. ‘Als je elkaar kent hoef je geen vliegen meer af te vangen.’ En: ‘Ga samen iets leuks doen, tennissen bijvoorbeeld, maar vooral moeten we ons samen gaan bijscholen.’

In de workshop Het ABC van de Acute Bizarre Crisissen maken we kennis met de wereld van de straatdokter die weer een heel eigen soort spoedgevallen tegenkomt. Ook hier blijkt het ABCDE een uitstekende manier om de vitale functies te beoordelen. Bijvoorbeeld bij iemand met een cocaïne-intoxicatie. ‘De A zal bij zo iemand vrij zijn, maar op B heb je de cracklong. Op C kun je ritmestoornissen vinden. Op D plotseling uitval als bij een CVA. En op E kun je een aardappelmesje vinden in een broekzak; dat gebruikt een cocaïneverslaafde om as uit de basepipe te schrapen om die te hergebruiken.

De twee grote sessies

Toestanden!

De acute geneeskunde neemt toe en patiënten hebben vaak meerdere problemen. Het ABCDE is dan nodig om snel en adequaat levensbedreigende aspecten vast te stellen en aan te pakken. Bovendien helpt de systematiek bij een eenduidige overdracht aan andere hulpverleners. Het denken in toestandsbeelden is dus essentieel: zijn de vitale functies in gevaar en dreigt er blijvende schade of de dood? Op het podium ligt mevrouw Steiner en zij is er niet goed aan toe. Stap voor stap wordt het ABCDE doorgenomen en kunnen de deelnemers ‘stemmen’ wat zij zouden doen in deze situatie. Over het algemeen kiest de meerderheid de juiste handelwijze, maar de 100% wordt bepaald niet gehaald… Er zijn ook handige tips: - Tel de ademhalingsfrequentie; dit is een van de beste voorspellers van ernstige ziekte - De capillary refill kan beter op het sternum worden gemeten, want op de vinger geeft dit vaak een sterk wisselend beeld. Ook wordt duidelijk dat de huisarts altijd een zuurstoffles in de auto zou moeten hebben.

Dilemma’s in de spoedzorg

In een Lagerhuisdebat onder leiding van Rob Oudkerk wordt ingegaan op een aantal stellingen. In het panel zitten artsen van allerlei pluimage – van huisartsen en SEH-artsen tot cardiologen en traumachirurgen – en zelfs triagisten. Het motto van Oudkerk is: ‘Dat nieuwe NHG-Standpunt over spoedzorg bekt wel lekker, maar voert het ook lekker uit?’ Bij de eerste stelling – ‘Onnodige spoedvragen bestaan niet’ – verschuift de discussie al snel naar ‘de kern van de problematiek’. Oftewel: wie doet wat en hoe zit het met de kosten? ‘Er moet één gezamenlijke ingang komen voor de spoedzorg, met allereerst de triage en daarna de verdeling over Huisartsenpost en SEH’, wordt gesteld. En er is veel discussie over de vele patiënten die naar de huisartsenpost komen omdat ze overdag niet terecht zouden kunnen bij hun eigen huisarts. ‘Dus de bereikbaarheid overdag moet veel beter. En ook een avondspreekuur?’, oppert een aanwezige. Maar een huisarts uit het panel werpt tegen: ‘Er zijn heel veel eisende patiënten die zeggen dat ze niet bij de huisarts terecht konden, maar dat was dan omdat het spreekuur vol zat en de situatie als niet-spoedeisend werd beoordeeld. Dergelijke patiënten vinden dat we altijd en overal voor ze klaar moeten staan.’ Dat oogst een fors applaus… Slotlezing Pia Dijkstra, zeer bekend van televisie maar tegenwoordig Tweede Kamerlid met de zorg in haar portefeuille, begint met felicitaties: met dit fantastische congres en de uitstekende kwaliteit van de zorg in Nederland. ‘Ik ben een enorme fan van de huisarts!’ Ook zij is een voorstander van één loket voor de spoedzorg. Verder streeft ze ernaar dat patiënten een eigen bijdrage zullen gaan betalen voor spoedzorg, onder meer om de gang naar de huisartsenpost terug te dringen. Ze hoopt dat ook te bereiken door huisartsenpraktijken twee avonden per week en op zaterdag open te stellen. Dat voorstel oogst bepaald weinig bijval uit de zaal!

Congres 2014

Cees in ’t Veld, voorzitter van de congrescommissie 2014, vertelt: ‘Ik heb het woord “samenwerking” vandaag ettelijke malen gehoord. Het thema van het komende congres sluit daarbij naadloos aan: Dokteren doe je niet alleen. Concrete samenwerking in de praktijk, de eerste en de tweede lijn. Het congres zal worden gehouden in de RAI en het feest vindt plaats in Amsterdam Arena.

Speelse afsluiting

Maaike Aarden noemt zich zelf ‘veranderoloog’. Ze heeft vandaag vaak gehoord: ‘we moeten het diagnosedenken loslaten om ons het urgentiedenken eigen te maken. Maar om los te kunnen laten moet je iets eerst vasthouden.’ Zij sluit het congres af, geflankeerd door twee jongleurs. Virtuoos en zeer geestig!

Diner en feest

De ‘gelukkigen’ hebben een van de 850 kaartjes weten te bemachtigen voor het feest in Château Neercanne, waarmee het absolute maximum aantal deelnemers was bereikt. Omdat zoveel mensen achter het net bleken te vissen, is voor hen een uitwijkmogelijkheid gevonden in de ‘Bonbonnière’. Neercanne blijkt een wonderschone locatie en na het diner barst het feest hier los. Er wordt hevig geswingd, waarbij vooral de vele aanwezige aiossen helemaal ‘los’ gaan. Voor degenen die het wat rustiger aan willen doen zijn er echter voldoende ruimten waar op normaal volume een gesprek kan worden gevoerd. Al met al kan worden teruggekeken op een drukbezocht en  zeer geslaagd congres!